Kunnen plantaardige grondstoffen bijdragen aan de vergroening van de industriële sector?

Jorieke Adolfen, procesmanager bij AMMON, deed onderzoek

Vorige | volgende

Het Waardemakersnetwerk is enthousiast over de transitie naar een biobased economy. Maar kunnen plantaardige grondstoffen daadwerkelijk een bijdrage leveren aan de vergroening van de industriële sector en concrete marktintroducties? Voor het antwoord op deze vraag is gedegen onderzoek nodig naar de toepasbaarheid van plantaardige eiwitten als bestanddeel van bijvoorbeeld biobased kunstharsen, lijmen en coatings. Harde feiten over bestaande initiatieven en technologieën op dit gebied. En een overzicht van de bedrijven die een rol kunnen spelen in deze systeeminnovatie. Precies deze zaken onderzocht AMMON op verzoek van Waardemakers en de provincie Overijssel. Procesmanager Jorieke Adolfsen van AMMON vertelt over de voorlopige bevindingen.

Jorieke Adolfsen2

Fotobijschrift: Jorieke Adolfsen heeft als procesmanager bij AMMON onderzocht of plantaardige eiwitten bij kunnen dragen aan de vergroening van de industriële sector.

Voordat we het over jullie onderzoek gaan hebben; wat heb jij zelf met innovatie?

Jorieke: ‘Heel veel. Verbeeldingskracht, creativiteit en organiseren zijn voor mij sleutelwoorden voor innovatie. Ik heb jarenlang ondernemers, CEO’s en CTO’s van organisaties ondersteund bij innovatie- of organisatieprocessen. Daarnaast heb ik voor Koninklijke Ten Cate samen met mijn huidige collega een overkoepelend innovatiecentrum voor vier businessunits opgezet. Ik weet hoe interessant, maar ook hoe moeilijk organisaties en consortia het vinden om systeeminnovaties daadwerkelijk te realiseren. Dit vraagt namelijk om een compleet nieuwe aanpak en daar kan een instantie zoals AMMON bij helpen.’ 

Waar staat de afkorting AMMON voor?

Jorieke Adolfsen: ‘AMMON is een afkorting voor Advanced Materials Manufacturing Oost-Nederland. Wij zijn een onafhankelijke stichting die in 2013 in het leven is geroepen om de innovatieslagkracht van businessdevelopment- en innovatieprogramma’s door en voor de industrie te vergroten. Onze stichting is geheel industriegeleid met in haar achterban 45 bedrijven uit de maakindustrie. 

En hoe vergroot je die innovatieslagkracht?

Jorieke: ‘Bijvoorbeeld door businesscases te toetsen op elementen zoals duurzaamheid en circulariteit. Nieuwe technologieën te scouten en in te brengen. En te kijken welke partijen samen een nieuwe waardeketen kunnen vormen om tot daadwerkelijke innovatie te komen die de internationale concurrentiepositie van bedrijven verhoogt. Wij duiken in de inhoud en koppelen de uitkomsten aan een organisatorisch proces richting marktintroductie. In de afgelopen tien jaar hebben we zo’n 105 innovatieprojecten ondersteund en tot nu toe heeft ongeveer 40% daarvan daadwerkelijk geresulteerd in de marktintroductie van een nieuw product of systeem. Er zitten dus nu nog veel innovaties in de pijplijn.’ 

 

Op welk moment heb jij een “juich-momentje”? 

Jorieke: ‘Als je bedenkt dat de meeste innovaties vijf tot zeven jaar nodig hebben voordat ze de markt bereiken, word ik persoonlijk altijd heel blij van zo’n marktintroductie. AMMON staat altijd op de achtergrond en heeft als taak bedrijven te faciliteren, maar bij een marktintroductie denk ik wel stiekem: prachtig dat ik mede aan de bakermat van die ontwikkeling heb gestaan. Sowieso merk ik dat heel veel partijen enthousiast worden als het over innovatie gaat. Bedrijven die het belang van innoveren inzien, maken graag tijd vrij om mee te denken over de mogelijkheden. Door die samenwerking krijgt een organisatie of consortium van samenwerkende partijen inzicht in de haalbaarheid van een innovatie.’ 

Was die inzicht in haalbaarheid ook de reden waarom de Waardemakers en provincie Overijssel bij AMMON aanklopte?

Jorieke: ‘Inderdaad. Medio 2018 vroegen zij ons om te onderzoeken hoe de transitie naar een biobased economykans van slagen krijgt. De exacte vraag luidde: kunnen plantaardige eiwitten in hun verschillende verschijningsvormen een wezenlijke bijdrage leveren aan de vergroening van de industriële sector? Bijvoorbeeld als bestanddeel van biobased kunstharsen, lijmen, coatings of als toevoeging voor brandstoffen.’ 

Hoe zijn jullie te werk gegaan?

Jorieke: ‘Een dergelijk traject start met het onderzoeken en analyseren van literatuur. Zo hebben we bijvoorbeeld gekeken welke initiatieven er wereldwijd op het gebied van eiwitextractie uit plantaardige bronnen al dan niet zijn opgeschaald. Welke initiatieven ondertussen zijn gestrand en waarom. En welke technieken er zijn om eiwitten uit plantaardige bronnen te raffineren. Ook hebben we het onderzoek verbreed en onderzocht welke andere plantaardige grondstoffen naast eiwitten interessant zijn en welke ondernemers het interessant vinden om zich bij dit Waardemakersnetwerk rondom de biobased transitie aan te sluiten.’ 

Wat zijn de eerste bevindingen uit het onderzoek? 

Jorieke: ‘Allereerst is er een duidelijke algemene bewustwording te zien dat de industrie de komende jaren moet vergroenen. Duidelijk is ook dat we ons niet alleen tot bijvoorbeeld de toepassing van eiwitten uit eendenkroos moeten beperken, maar ook moeten kijken welke andere plantaardige grondstoffen interessant zijn. De vraag van de Waardemakers en provincie Overijssel gaat over een systeemvraag. Het draait in principe om de bestendigheid van de regionale landbouweconomie en de vergroening van de industrie. Voor wat betreft de toepassing van eiwitten uit plantaardige bronnen hebben we gekeken naar drie belangrijke aspecten; de Technology Readiness Level (TRL), de Production Readiness Level (PRL) en de Market Readiness Level (MRL). Bij de toepassing van plantaardige grondstoffen in de industriële sector zijn schaalgrootte, massa en een continue aanvoer van plantaardige grondstoffen doorslaggevende factoren. Deze aspecten moeten worden gegarandeerd. 

En hoe zit het met het productie- en marktniveau?

Jorieke: ‘De markt is positief en bereid om voor biobased grondstoffen te betalen, mits dit een sluitende businesscase oplevert. De opgave zit ‘m op dit moment echter in de Production Readiness Level. Het blijkt lastig te zijn om het productieproces op te schalen naar een niveau waarbij er genoeg plantaardige grondstoffen worden gewonnen om het interessant te maken voor technische toepassingen of dierlijke en humane voeding. Voor wat betreft de technische toepassingen is het misschien interessant eens te kijken naar het winnen van lignine uit reststromen als koolbladeren. Lignine is een organische stof die wordt ingezet als plantaardig bindmiddel voor de productie van lijmen. In Duitsland is deze winning al opgeschaald en dus zou lignine een quick winner kunnen zijn.’ 

Interessant! Biedt jullie onderzoek nog andere inzichten voor dit Waardemakersnetwerk?

Jorieke: ‘Zeker! Door dit onderzoek laten we vooral zien dat de tijd van praten en denken voor bij is. Er is al zoveel beschikbaar. Ondernemers moeten aan de slag en vooral ook samen! Daarom ben ik blij dat in Raalte The Green East en ABC Kroos samen een proeftuin creëren waar wordt gekeken naar optimale teelt van eendenkroos voor humane voeding en procestechnologisch onderzoek wordt gedaan om een commerciële schaal te creëren. Ook kijken wij met hen of we eiwitten uit reststromen van de tuin- en akkerbouw kunnen gebruiken voor industriële toepassingen. Denk bijvoorbeeld aan eiwitextractie uit suikerbietenloof, een restproduct uit de suikerindustrie.’ 

Wat is in dit geval de rol van de provincie Overijssel, innovaties versnellen?

Jorieke: ‘In dit geval zeer zeker. Met programma’s zoals Waardemakers investeert de overheid tijd en geld om rondom maatschappelijke thema’s, zoals de biobased transitie, een versnelling op gang te brengen door bijvoorbeeld experts in de arm te nemen om snelle uitvoering te geven aan vraagstukken. Dit is belangrijk, omdat zowel bestaande als potentiële deelnemers van het Waardemakersnetwerk in het licht van de biobased transitie overtuigd moeten worden van de mogelijkheden en het nut om biobased grondstoffen in hun bedrijfsvoering toe te passen.’ 

Zijn bedrijven op dit moment nog niet overtuigd dan? 

Jorieke: ‘Uit het onderzoek binnen onze achterban blijkt dat veel bedrijven hier belangstelling voor hebben. Maar zo’n vergroeningsslag richting het gebruik van biobased grondstoffen vraagt nou eenmaal veel tijd en geld van bedrijven. Daarom is “toepassen” het sleutelwoord, maar daar is helaas niet ieder bedrijf voor uitgerust. De Waardemakers en de provincie Overijssel spelen een rol om dat mogelijk te maken. Als sparringpartner, netwerk- en inspiratiefaciliteit en financier om de industrie rondom nieuwe businesscases bijeen te brengen.’ 

Bij AMMON hebben jullie ondertussen veel ervaring met systeeminnovaties. Wat zijn nou de typische valkuilen?

Jorieke: ‘Een systeeminnovatie is precies wat het woord zegt: een innovatie van een heel systeem van markten en bedrijven. Zo’n ingrijpende verandering staat en valt met de toewijding van en het vertrouwen tussen de samenwerkende partijen. Je hebt samen een doel waar je naartoe werkt. Soms duurt het lang voordat je een eerste resultaat behaalt en soms zijn er tegenslagen, maar daardoor moet je je niet van de wijs laten brengen. Blijf vertrouwen houden en blijf op een open manier samenwerken. Doe je dat niet, dan werkt dat vertragend en zoals Dik Wessels van VolkerWessels ooit al zei “vertragen is duur geld”. Je raakt het momentum kwijt, samenwerkingspartners haken af en het idee sterft een langzame dood.’ 

Kortom, toewijding, onderling vertrouwen en een lange adem zijn de ingrediënten voor succes?

Jorieke: ‘Met de focus op kennisdeling en toepassen. We kunnen veel leren van initiatieven zoals de lignine-extractie uit vezels in Duitsland of de grootschalige eendenkroosteelt in North Carolina voor met name bio-ethanol. We moeten niet opnieuw het wiel uit willen vinden, maar het gesprek aangaan met zoveel mogelijk partijen die een steentje bij kunnen dragen. Dan is de koppeling van kennis heel belangrijk. Bij AMMON kijken we daarom ook met die kennis of de core businesses van bedrijven raakvlakken hebben, zodat ze de krachten kunnen bundelen en de stap van product- naar systeemontwikkeling kunnen maken. Op diverse gebieden trouwens. Want naast de transitie naar een biobased economy, spelen er binnen de provincie nog veel meer initiatieven om zowel het milieu te sparen als de economie aan te jagen.’

 

Kijk voor meer informatie over AMMON op www.ammon-innovation.com. Wilt u in contact komen met Jorieke Adolfsen? Dan kunt u haar bellen/mailen via j.adolfsen@ammon-innovation.com of 06-22532331 

Vorige | volgende